**1..** Voor de berekening van de precariobelasting wordt met betrekking tot een in de tarieventabel genoemde lengte- of oppervlaktemaat een gedeelte daarvan als een volle eenheid aangemerkt.
**2..** Indien een tarief per oppervlakte is vastgesteld, wordt de precariobelasting berekend naar de oppervlakte van de horizontale projectie van de voorwerpen, tenzij anders is bepaald.
**3..** De oppervlakte van andere dan rechthoekige voorwerpen wordt gesteld op het product van de twee aangrenzende zijden van een om het voorwerp geplaatste denkbeeldige rechthoek.
**4..** Indien de gemeente een vergunning heeft verleend voor het hebben van het voorwerp of de voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, wordt voor de berekening van de precariobelasting aangesloten bij de maatvoering zoals opgenomen in die vergunning alsmede bij de geldigheidsduur van die vergunning, tenzij blijkt dat het belastbaar feit zich gedurende een kortere periode heeft voorgedaan doordat de vergunning is ingetrokken, vervallen of gewijzigd. In dat geval bestaat aanspraak op ontheffing, waarbij het derde lid, van overeenkomstige toepassing is.
**5..** Indien in de tarieventabel voor een voorwerp tarieven voor verschillende tijdseenheden zijn opgenomen, wordt de precariobelasting berekend op de voor de belastingplichtige meest voordelige wijze.
**6..** Bij het plaatsen op voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond van voorwerpen van welke aard ook, wordt de ruimte tussen deze voorwerpen mede geacht te zijn ingenomen of aan de openbare dienst te zijn onttrokken, waardoor voor deze ruimte evenzeer sprake is van belastingplicht als bedoeld in artikel 3.
**7..** Indien, een bouwplaats wordt afgesloten, wordt de gehele hierbinnen gelegen voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond geacht te zijn ingenomen of aan het verkeer te zijn onttrokken, waardoor voor het geheel van deze gemeentegrond sprake is van belastingplicht als bedoeld in artikel 3.
**8..** In afwijking van het bepaalde in artikel 1 wordt voor de berekening van de precariobelasting:
**a..** indien in de tarieventabel voor een voorwerp wel een weektarief maar geen dagtarief is opgenomen, een gedeelte van een week gelijkgesteld met een week;
**b..** indien in de tarieventabel voor een voorwerp wel een maandtarief maar geen dag- of weektarief is opgenomen, een gedeelte van een maand gelijkgesteld met een maand.
**9..** Indien in de tarieventabel voor een voorwerp een dagtarief, weektarief of maandtarief is opgenomen en het belastingtijdvak een langere periode dan een dag, onderscheidenlijk een week of een maand omvat, gelden deze tarieven per dag, onderscheidenlijk week of maand van het belastingtijdvak.
**10..** Bij de berekening van de in een kalenderjaar verschuldigde precariobelasting voor een voorwerp geldt, indien een jaartarief is opgenomen, het jaartarief als maximale rekeneenheid.
Artikel 6.
Berekening van de precariobelasting
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van de precariobelasting 2025