Een vergunning als bedoeld in artikel 3, derde lid, onder a, van de verordening (bewonersvergunning) wordt verleend als de aanvrager een bewoner is. Daarnaast gelden de voorwaarden:
per zelfstandige wooneenheid worden ten hoogste twee vergunningen verstrekt;
als de aanvrager beschikt over een parkeerplaats op eigen terrein dan wordt deze in mindering gebracht op het aantal te verlenen vergunningen voor die zelfstandige wooneenheid;
de vergunning vermeldt het kenteken van het voertuig waarvoor de vergunning geldig is;
het kenteken staat geregistreerd op naam, adres en woonplaats van de aanvrager;
als het kenteken niet op naam, adres en woonplaats van de aanvrager geregistreerd staat omdat er sprake is van een huur-, lease- of bedrijfsvoertuig dan wordt bij de aanvraag een huurovereenkomst, leaseovereenkomst, een werkgeversverklaring of een verklaring van duurzaam gebruik op naam, adres en woonplaats van de aanvrager voor/over het gebruik van het betreffende voertuig overgelegd;
het is mogelijk om op de eerste bewonersvergunning maximaal twee kentekens te laten registreren, voor een tweede bewonersvergunning is dat maximaal één kenteken; en
een bewonersvergunning kan worden verleend voor het gehele vergunningengebied.