Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk II

Artikel 3a

Extra vergoeding commissieleden

Onderdeel van Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden Kaag en Braassem 2009, tweede wijziging

1. Een raadslid dat lid is van de vertrouwenscommissie, als bedoeld in Artikel 61, derdelid, Gemeentewet, dan wel de rekenkamerfunctie, als bedoeld in Artikel 81 oa Gemeentewet, dan wel lid is van een onderzoekscommissie, als bedoeld in artikel 155a Gemeentewet, ontvangt een toelage. 2. Een raadslid ontvangt de toelage voor de duur van het lidmaatschap van de commissie dan wel de duur van de activiteit. De toelage is ten hoogste 5% van de vergoeding voor de werkzaamheden op jaarbasis. 3. Voor de toepassing van het tweede lid stelt de burgemeester de duur van het lidmaat-schap van de commissie dan wel de duur van de activiteit vast.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel