Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Paragraaf

Artikel 2.7.6

Kwaliteit en dimensionering van de buitenriolering op erven en terreinen

Onderdeel van Bouwverordening 2003

1.. Ondergrondse doorvoeringen van leidingen door uitwendige scheidingsconstructies van bouwwerken moeten zoveel mogelijk haaks plaatsvinden. De doorvoeringen moeten waterdicht zijn aangewerkt. 2.. De aansluiting van de in het eerste lid bedoelde leidingen aan leidingen van de buitenriolering moet zodanig zijn dat de dichtheid van de aansluiting gehandhaafd blijft bij enige zetting van het bouwwerk of de buitenriolering. 3.. In leidingen, gelegen tussen de gevel van een gebouw en de aansluiting aan een openbaar riool, mogen geen beerputten of rottingputten voorkomen. 4.. Leidingen van de buitenriolering op erven en terreinen mogen geen vernauwingen in de stroomrichting bevatten en moeten een vloeiend beloop hebben, alsmede een voldoende lucht- en waterdichtheid en een voldoende binnenwerkse middellijn. Aan beide laatstgenoemde eisen wordt geacht te zijn voldaan indien wordt voldaan aan het bepaalde in NEN 3215, met dien verstande dat in afwijking van NEN 3215 voor het verhard oppervlak van erven en terreinen een regenintensiteit van 0,007 l/(s.m2) mag worden aangehouden. 5.. Onverminderd het bepaalde in het vierde lid moet een leiding voor de afvoer van afvalwater, fecaliën en hemelwater ter plaatse waar zij de grens van de weg kruist, een binnenwerkse middellijn hebben van ten minste 125 mm. 6.. Het materiaal, de sterkte en de vorm van buizen en hulpstukken van leidingen van de buitenriolering op erven en terreinen moeten doeltreffend zijn. Aan deze eis wordt geacht te zijn voldaan indien wordt voldaan aan het bepaalde in de volgende NEN-normen: NEN 3269, "Asbestcementbuizen en koppelingen voor buitenrioleringen onder vrij verval en drainage - Eisen en beproevingsmethoden"; NEN 7002, "Centrifugaal gegoten gietijzeren afvoerbuizen"; NEN 7003, "Hulpstukken voor gietijzeren afvoerbuizen"; NEN 7013, "Expansiestukken van PVC en ABS voor binnen- en buitenrioleringen"; NEN-EN 1401-1, "Kunststofleidingsystemen voor vrij verval buitenriolering – Ongeplasticeerd PVC (PVC-U) – Deel 1. Eisen voor buizen, hulpstukken en het systeem (Engelstalig)"; NEN-EN 295-1, "Keramische buizen en hulpstukken, alsmede buisverbindingen voor riolering onder vrij verval” - Deel 1. Eisen (Engelstalig); NEN-EN 295-2, "Keramische buizen en hulpstukken, alsmede buisverbindingen voor riolering onder vrij verval" - Deel 2. Kwaliteitscontrole en monstername (Engelstalig); NEN-EN 295-3, "Keramische buizen en hulpstukken, alsmede buisverbindingen voor riolering onder vrij verval” - Deel 3. Beproevingsmethoden (Engelstalig).

Rechtspraak bij dit artikel