Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk VII Ruimingsprotocol

Artikel 36

Administratieve en procedurele voorbereiding

Onderdeel van Besluit Begraafplaatsen Hoogeveen

1. . Het college doorloopt voorafgaand aan een voorgenomen ruiming van één of enkele graven of een of meer grafvelden een administratieve procedure, welke geldt voor alle voor ruiming in aanmerking komende graven. In de begraafplaatsadministratie vindt controle plaats op: of er nog een recht op rust; of voldaan is aan de financiële verplichtingen voor het recht; of er een lopende procedure is voor het vrijwillig afstand doen van het recht; of er een lopende procedure vanwege kennelijke verwaarlozing; of er een lopende procedure is om het stoffelijke overschot te doen herbegraven of te cremeren, danwel om de asbus uit het graf te nemen; of er een lopende procedure is om het algemeen graf om te zetten naar een particulier graf; of er een lopende procedure is bij nabestaanden van een algemeen graf vanwege het ontbreken van onderlinge overeenstemming over wat er met de stoffelijke resten moet gebeuren; of de wettelijke grafrusttermijn verlopen is; of het graf danwel de grafbedekking vóórkomt op de lijst Historische graven van het college. 2. . De rechthebbende van een graf, waarvan het recht binnen één jaar verloopt, wordt aangeschreven met de vraag of er behoefte is aan verlenging van het recht. bij geen reactie wordt na 3 maanden een herinnering verstuurd; bij geen reactie wordt na 3 maanden gelijktijdig met het verzenden van de herinnering een bordje bij het betreffende graf en bij de ingang van de begraafplaats geplaatst, met de mededeling dat het recht verloopt en het verzoek contact op te nemen met de begraafplaatsadministratie. 3. . De gebruiker van een algemeen graf, waarvan de gebruikstermijn binnen één jaar zal verlopen, wordt aangeschreven met de vraag of er behoefte is aan omzetting van het graf naar een particulier graf of een opgraving van de stoffelijke resten ten behoeve van herbegraving in een ander, particulier graf of een crematie. bij geen reactie wordt na 3 maanden een herinnering verstuurd; bij geen reactie, of wanneer geen gebruiker bekend is, wordt na 3 maanden gelijktijdig met het verzenden van de herinnering een bordje bij het betreffende graf en bij de ingang van de begraafplaats geplaatst, met de mededeling dat de termijn voor het gebruik verloopt en het verzoek contact op te nemen met de begraafplaatsadministratie. 4. . Het college verzoekt de commissie Historische graven om in het jaar voorafgaande aan de voorgenomen ruiming na te gaan: om na te gaan of zich op de locatie van de voorgenomen ruiming zich historische graven en grafbedekkingen zouden kunnen bevinden en/of de locatie een mogelijk historisch deel van de begraafplaats zou kunnen zijn; bij een positieve beantwoording hiervan, over te gaan op een nader onderzoek van de mogelijke historische graven, grafbedekkingen en grafdelen. de resultaten van het nader onderzoek voor te leggen aan de gemeente, zodat deze ter besluitvorming aan het college kunnen worden voorgelegd. 5. . De grafbedekkingen welke zich bevinden op te ruimen graven van bepaalde tijd worden op beeld vastgelegd en bewaard tot minimaal 5 jaar na ruiming.

Rechtspraak bij dit artikel