De gemeente verrekent, voor zover mogelijk, de kosten van de uitvaart met inkomsten uit uitkeringen en verzekeringsmaatschappijen van de overledene.
Formeel gesproken kan de gemeente de kosten van lijkbezorging niet zelf invorderen of verhalen op de nalatenschap door bezittingen van de overledene te gelde te maken (verkoop bezittingen) of door uitgaven te verrekenen met inkomsten of vermogen van de overledene (bijv. banksaldi of uitkeringen) of door banken en verzekeringsmaatschappijen te verplichten tegoeden over te maken op rekening van de gemeente. De gemeente is immers niet benoemd tot vereffenaar van de nalatenschap en een executoriale titel ontbreekt.
Als er echter nog nabetaling van uitkeringen plaatsvinden, bijvoorbeeld opgebouwde vakantietoelage of overlijdensuitkeringen en de gemeente zelf uitkeringsverstrekker is, vindt verrekening plaats. Gaat het om een andere instantie, dan wordt verzocht deze uitkeringen naar de gemeente over te boeken. Dit geldt ook voor verzekeringspolissen waarbij de overledene als begunstigde is aangemerkt.
Artikel 17
Verrekening met nog door de gemeente te verstrekken uitkeringen van de gemeente.
Onderdeel van Beleidsuitgangspunten Uitvaart in opdracht van de gemeente