De reclamebelasting wordt niet geheven ter zake van openbare aankondigingen:
waarvoor op grond van een privaatrechtelijke overeenkomst betaling aan de gemeente moet geschieden, onderscheidenlijk een vergoeding aan de gemeente verschuldigd is;
die als algemene bewegwijzering waarmee een algemeen belang wordt gediend kunnen worden aangemerkt;
die uitsluitend dienen ten behoeve van de regulering van het verkeer over openbare land- en waterwegen;
die door de gemeente of in opdracht van de gemeente is geplaatst of aangebracht, indien en voor zover de openbare aankondiging geschiedt ter uitvoering van de publieke taak;
die door (semi) overheden of cultureel-maatschappelijke instellingen, die zijn opgenomen op de actuele lijst van Algemeen Nut Beogende Instellingen (ANBI) zoals die door de rijksbelasting- dienst wordt vastgesteld, zijn aangebracht en die een cultureel, maatschappelijk, charitatief of ideëel belang dienen;
op parasols welke zijn geplaatst op een terras bij een horecaonderneming;
aangebracht door of namens winkeliersverenigingen of wijkorganen, waarbij het reclameobject uitsluitend bestaat uit een vlag met naam van de winkeliersvereniging of het wijkorgaan;
op zuilen, borden, muren of andere constructies, aangewezen door het bevoegde bestuursorgaan;
op bouwterreinen voor zover deze rechtstreeks betrekking hebben op de op dat terrein in uitvoering zijnde werkzaamheden en niet aankondigingen met een verkoop- dan wel verhuurbevorderend karakter;
die zijn gedaan in verband met de huur of de verkoop van de desbetreffende onroerende zaak.
Artikel 9.
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van reclamebelasting 2025