De wijze van meten zoals bedoeld in deze beleidsregel dient als volgt uitgevoerd te worden: a. Omvang kavel:
de omvang van het (bestaande of toekomstige) kadastrale perceel of percelen die samen één woonkavel vormen met één wooneenheid:
niet meegerekend een eventuele mantelzorgwoning;
gemeten over de kadastrale buitengrens of buitengrenzen van de betreffende kadastrale percelen;
Als het omgevingsplan daar aanleiding toe geeft wordt de omvang van de woonkavel bepaald aan de hand van de geldende woonfunctie, danwel de woonbestemming;
b. Overige meetwijzen: in overeenstemming met de bepalingen zoals bepaalt in de Omgevingswet danwel het geldende Omgevingsplan; een en ander met uitzondering van hetgeen deze beleidsregel en het initiatief beogen.