Voor zover bij de verlening van een subsidie op grond van deze regeling sprake is van staatssteun als bedoeld in artikel 107, eerste lid, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU), wordt deze verleend met inachtneming van:
Voor zover bij de verlening van een subsidie op grond van deze regeling sprake is van staatssteun als bedoeld in artikel 107, eerste lid, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU), wordt deze verleend met inachtneming van:
voor steun zoals bedoeld in artikel 5.2, vierde lid, kan steun worden verleend op grond van artikel 36 ter van de Algemene Groepsvrijstellingsverordening (AGVV) (Verordening (EU) nr. 651/2014;
voor steun zoals bedoeld in artikel 5.2, vijfde lid, kan steun worden verleend op grond van artikel 56 van de Algemene Groepsvrijstellingsverordening (AGVV) (Verordening (EU) nr. 651/2014;
voor steun zoals bedoeld in artikel 6.2 kan steun worden verleend op grond van artikel 56 van de Algemene Groepsvrijstellingsverordening (AGVV) (Verordening (EU) nr. 651/2014;
voor zover geen andere staatssteunoplossing voorhanden is, wordt de subsidie alleen verstrekt met in achtneming van de de-minimisverordening (Verordening (EU) nr. 2023/2831).
Geen subsidie wordt verstrekt als tegen een subsidieaanvrager een bevel tot terugvordering uitstaat als gevolg van een eerdere beschikking van de Europese Commissie waarin steun onrechtmatig en onverenigbaar met de gemeenschappelijke markt is verklaard.
Geen subsidie wordt verleend aan een onderneming in moeilijkheden, tenzij steunverlening expliciet is toegestaan op grond van het op de betreffende paragraaf van toepassing zijnde onderdeel van de AGVV, de LVV of het goedkeuringsbesluit van de Europese Commissie.