Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Vrijstellingen

Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van leges 2025

Leges worden niet geheven voor: het verstrekken van gemeentelijk informatiemateriaal zoals raads- en commissiestukken aan vertegenwoordigers van de pers, indien zij zich als zodanig kunnen legitimeren; het verstrekken van agenda's van de vergaderingen van de raad en die van de commissies, uitsluitend aan bezoekers van de publieke tribune voor en gedurende de vergadering. het in behandeling nemen van aanvragen om ontheffingen en vergunningen die deel uit maken van een evenementen-vergunning als bedoeld in artikel 2:25 van de Algemene plaatselijke verordening, voor zover zij gelijktijdig en in samenhang in één procedure zijn voorbereid (de gecoördineerde evenementenvergunning), met uitzondering van de ontheffing ex artikel 35 Alcoholwet en de omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.12, lid 1 onder a, sub 2 van de Wabo; het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 2.25 (evenement) van de Algemene plaatselijke verordening de daarmee samenhangende ontheffingen, voor zover verleend voor niet commerciële, lokale activiteiten met een maximum tot 500 personen mits georganiseerd door een Dijk en Waardse instelling met een maatschappelijke doelstelling; het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 2:25 (evenement) van de Algemene plaatselijke verordening en de daarmee samenhangende ontheffingen voor zover verleend voor een activiteit die uitsluitend wordt georganiseerd voor een goed doel; het in behandeling nemen van aanvragen om collectes en kledinginzamelingen als bedoeld in artikel 5:13 van de Algemene plaatselijke verordening en loterijen voor een goed doel; diensten waarvan de kosten krachtens afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening (grondexploitatie) zijn of worden verhaald; Diensten met betrekking tot een aanvraag tot verlening of gehele of gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning of wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning, voor zover die aanvraag betrekking heeft op een activiteit met betrekking tot een inrichting als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder e, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; Het in behandeling nemen van een aanvraag tot verlening van een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onderdeel i, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, voor zover het een activiteit betreft bedoeld in artikel 2.2a van het Besluit omgevingsrecht (omgevingsvergunning beperkte milieutoets). Diensten die ingevolge wettelijk voorschrift zijn vrijgesteld van rechtenheffing of kosteloos moeten worden verleend.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel