In deze verordening wordt verstaan onder:
aandachtsgebied: het gebied van de stadsdelen Oost/Watergraafsmeer, Zeeburg, Bos en Lommer (exclusief de Kolenkitbuurt en het terrein van het Jan van Galensportpark), Westerpark en De Baarsjes;
aanvangshuurprijs: de huurprijs waartegen een woning of ruimte met een andere bestemming na voltooiing van een bouwplan voor de eerste maal wordt verhuurd;
A-lijst: lijst van woningen langs drukke verkeerswegen met zware geluidsbelasting, waarvan de ongecorrigeerde geluidsbelasting op 1 maart 1986 gelijk was aan of hoger dan 70 dB(A), zoals vastgesteld door de minister van VROM op 9 februari 2000
architectuurorde 1: de aanduiding van panden die zijn aangemerkt als beschermd rijksmonument of gemeentelijk monument;
architectuurorde 2 en 3: de aanduiding van panden die geen beschermd monument zijn, maar een kenmerkend onderdeel vormen van een stadsgezicht, op een daartoe bestuurlijk vastgestelde lijst met bijbehorende kaarten;
atelier: een individuele werkplaats voor een kunstenaar;
beter verbeteren: het treffen van technische voorzieningen aan een woongebouw, gericht op het behouden of terugbrengen van de oorspronkelijke detaillering van het aanzicht van een woongebouw;
bodemsanering: geheel van maatregelen als bedoeld in de artikelen 38 en 39 van de Wet bodembescherming;
bouwplan: bestek en tekeningen van te bouwen gebouwen of delen daarvan of van bouwtechnische maatregelen aan bestaande gebouwen;
casco: de hoofdstructuur van een pand, waaronder ieder geval de hiernavolgende onderdelen van een pand:
dragende onderdelen;
vloeren en trappen(huizen);
binnenafwerkingen;
buitenafwerkingen;
dakbedekkingen, goten en hemelwaterafvoeren;
schoorstenen, rookkanalen, dakkapellen, kozijnen, ramen en deuren;
duplexwoning: een eengezinswoning die vanwege de woningnood bij de totstandkoming is gesplitst in twee wooneenheden, met de bedoeling die splitsing bij het einde van de woningnood weer ongedaan te maken;
ernstige en urgente bodemverontreiniging: als bedoeld in art. 1 van de Wet bodembescherming;
gesubsidieerde gevelsanering: het aanbrengen van geluidwerende voorzieningen aan een woning op de A-lijst op initiatief van de eigenaar;
gordel 20/40: het gebied als zodanig aangegeven op de kaart, behorend bij de Schoonheid van Amsterdam, een kader voor het Welstandsbeleid 2004, van de Commissie voor Welstand en de Monumenten;
huurprijs: de prijs die bij huur en verhuur is verschuldigd voor het enkel gebruik van een woning of een ruimte met een andere bestemming;
ingrijpende aanpak: het slopen of renoveren op hoog niveau (minimale investering van € 45.000) van woningen die gelegen zijn in de stedelijke vernieuwingsgebieden De Banne, Nieuwendam-Noord en de Westelijke Tuinsteden, uitgezonderd het ZuidWestKwadrant, het noordelijk deel van Overtoomse veld, Buurt Ne9en en Lelylaan;
negentiende-eeuwse ring: het gebied als zodanig aangegeven op de kaart behorend bij de Schoonheid van Amsterdam, een kader voor het Welstandsbeleid 2004, van de Commissie voor Welstand en Monumenten;
ontwikkelingsgebied: het gebied van de westelijke tuinsteden (stadsdelen Slotervaart, Osdorp, Geuzenveld/Slotermeer en de Kolenkitbuurt en het terrein van het Jan van Galensportpark in Bos en Lommer) en het gebied van het stadsdeel Amsterdam-Noord en van het stadsdeel Zuidoost;
oplagen: het toevoegen van één of meer extra woonlagen bovenop bestaande (woon)gebouwen;
particuliere eigenaar: een eigenaar van een woning, niet zijnde een woningcorporatie;
peildatum: de datum die door Burgemeester en Wethouders wordt aangemerkt als aanvangsdatum van de ontruiming van het woningcomplex waarvan de woning deel uitmaakt;
project: plan dat voor zelfstandige uitvoering geschikt is;
raillijst: lijst van woningen langs drukke spoorwegtrajecten zoals vastgesteld door het Ministerie van VROM op 25 november 1999;
rekenhuur: de huur als bedoeld in artikel 5 van de Wet op de huurtoeslag;
rolstoelgeschikte woning: een woning die bouwkundig geschikt is gemaakt voor bewoning door een bewoner met een rolstoel;
samenvoegen: het treffen van bouwkundige maatregelen aan woningen of wooneenheden waarbij aanvullende voorzieningen worden aangebracht en waardoor de indeling wordt gewijzigd zodanig dat uit twee of meer woningen één woning, of uit drie woningen twee grote woningen ontstaan, of andere combinaties en waarvoor Burgemeester en Wethouders tevens ontruiming noodzakelijk achten;
stedelijk vernieuwingsplan: een plan voor een plangebied binnen Amsterdam, zoals bedoeld in de Nota Stedelijke Vernieuwing;
supervisor: degene die door de Commissie voor Welstand en monumenten is aangewezen voor de beoordeling van wijzigingen in de gevel van panden met architectuurorde 1,2 of 3 in een bepaald gebied;
technische voorzieningen aan een woning: bouwkundige of bouwtechnische maatregel aan een woning die strekt tot verbetering van het casco, de indeling en het woongerief, waaronder begrepen de daartoe noodzakelijke opheffing van technische gebreken;
volledig toegankelijke woning: een woning waarvan de toegangsdeur zonder trap of drempels van meer dan 2 cm hoog van buitenaf bereikbaar is en waarvan de keuken, het toilet, de badkamer en tenminste één slaapkamer zonder trap of drempel van meer dan 2 cm hoog vanaf het niveau van de toegangsdeur bereikbaar zijn;
woning in een beschermde omgeving (wibo-woning): een woning die bouwkundig geschikt is gemaakt voor bewoning door een oudere en is gelegen in de nabijheid van een dienstencentrum voor onder anderen ouderen;
woning: zelfstandige woonruimte welke een eigen toegang heeft en welke door een huishouden kan worden bewoond zonder dat dit daarbij afhankelijk is van wezenlijke voorzieningen buiten die woonruimte.
woningcomplex: bouwkundig aaneengesloten groep van woonruimten van vergelijkbare of van dezelfde bouwaard, waarbij de aanvraag om subsidie of de aanbesteding of de voorbereiding en het overleg met de bewoners als één geheel geschiedt;
woningcorporatie: een toegelaten instelling als bedoeld in art. 70 van de Woningwet;
woningonttrekking: alle vormen van verlies van een bestaande woonruimte als bedoeld in art. 30 van de Huisvestingswet;
woonopervlak: het gezamenlijk oppervlak van de vertrekken zoals dat wordt berekend volgens het Besluit huurprijzen woonruimte;
(woon)werkpand: een gebouw dat wordt bestemd en gebruikt voor de doeleinden als aangegeven in bijlage 1 van deze verordening;
Hoofdstuk › Paragraaf
Artikel 1
Begripsbepalingen
Onderdeel van Subsidieverordening Stedelijke vernieuwing Amsterdam 2006