**1..** Voor de periode dat dit noodzakelijk is, kan tot vergoeding van extra woonlasten in verband met tijdelijke huisvesting worden overgegaan indien:
een woonruimte van een cliënt wordt aangepast, en cliënt genoodzaakt is tijdelijk elders te wonen, of
een cliënt of zijn verzorger al een andere woonruimte heeft gehuurd, doch deze nog niet kunnen betrekken, omdat de op grond van de Wmo door de gemeente Diemen toegekende woonruimteaanpassingen nog moeten plaatsvinden en het niet mogelijk is zonder deze aanpassingen normaal gebruik van de woning te maken.
**2..** De tegemoetkoming heeft betrekking op de kosten die gemaakt worden in verband met het tijdelijk betrekken van zelfstandige woonruimte, het tijdelijke betrekken van een niet-zelfstandige woonruimte of de huur van de nieuwe woning zolang die nog niet betrokken kan worden. De eerste maand huur wordt als algemeen gebruikelijk beschouwd, daarom gaat de vergoeding in vanaf de tweede maand van leegstand.
**3..** De tegemoetkoming ten behoeve van de huur van een zelfstandige woonruimte wordt vastgesteld op basis van het huurbedrag dat is verschuldigd tot aan ten hoogste: het bedrag genoemd in artikel 13, lid 1, onder a, van de Wet op de huurtoeslag.
**4..** De tegemoetkoming ten behoeve van niet-zelfstandige woonruimte wordt vastgesteld op basis van het huurbedrag dat is verschuldigd tot aan ten hoogste: het bedrag genoemd in artikel 13, lid 1, onder b van de Wet op de huurtoeslag.
**5..** In de situatie zoals beschreven onder 1.3.4. lid 1, onder b, wordt de tegemoetkoming berekend op basis van de huur die per maand is verschuldigd voor de woning die men wel moet huren maar nog niet kan betrekken. De tegemoetkoming start niet eerder dan vanaf de tweede maand huur en stopt zodra de woonruimteaanpassingen zijn opgeleverd.
Hoofdstuk 1. › Paragraaf 1.6.
Artikel 1.6.4.
Financiële tegemoetkoming in de kosten van tijdelijke huisvesting
Onderdeel van Nadere regels Maatschappelijke Ondersteuning Diemen 2025