De belasting wordt geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de hoofdstukken 1 en 2 van de bij deze verordening behorende tarieventabel met inachtneming van de overige leden van dit artikel.
Voor de berekening van de belasting als bedoeld in de onderdelen 1.3, 1.6 en 1.7 van de tarieventabel wordt uitgegaan van het aantal ledigingen dat is vastgesteld met behulp van de meetapparatuur op de inzamelauto.
De vaststelling van het totaal aantal ledigingen per belastingjaar ingezameld restafval van een perceel vindt plaats door een optelling van het aantal ledigingen van het vierwekelijks ingezamelde restafval van dit perceel in het betreffende belastingjaar.
Voor een perceel behorende tot een groep van percelen, waarbij gebruik wordt gemaakt van een verzamelcontainer, wordt het totaal aantal ledigingen van een verzamelcontainer omgerekend naar een aantal fictieve klepopeningen, zoals bepaald in de leden 5 en 6 van dit artikel. Het totaal van de fictieve klepopeningen wordt evenredig verdeeld over de percelen van de groep van percelen. Het aantal fictieve klepopeningen wordt afgerond naar beneden op hele eenheden.
Het fictief aantal klepopeningen wordt gesteld op 5 bij een verzamelcontainer van 180 liter.
Het fictief aantal klepopeningen wordt gesteld op 30 bij een verzamelcontainer van 1.100 liter.
HOOFDSTUK II AFVALSTOFFENHEFFING
Artikel 6
Maatstaf van heffing en belastingtarief
Onderdeel van Verordening reinigingsheffingen 2025