Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5.

Artikel 5.2.

Escalatiemodel

Onderdeel van Fraudebeleid 2024 – 2027

De impact van elke fraude is groot voor alle betrokkenen. We behandelen daarom elk(e) (vermoeden van) fraude met dezelfde professionaliteit en daadkracht. Toch is het belangrijk onderscheid te maken in de aard en omvang van fraudes. Zo kan iedereen zich voorstellen dat een fraude waarbij een medewerker een pen mee naar huis neemt een andere lading heeft dan een clustermanager dat via zijn eigen bedrijf jarenlang ten onrechte facturen heeft gestuurd en geautoriseerd. We hanteren daarom een escalatieladder om te bepalen wie op welk moment geïnformeerd dient te worden. Het moment van informeren is het moment dat er sprake is van een redelijk vermoeden van fraude. Deze escalatieladder betreft de minimale escalatie en geeft daarmee een indicatie. Het is aan degene die op dat moment bovenaan in de escalatieladder staat om te bepalen of escalatie naar een volgend niveau wenselijk en nodig is, ook als dat volgens de escalatieladder niet vereist is. Concern controller Directie College Raad Kwantitatief Omvang < € 2.500 X Omvang > € 2.500 X X Omvang > € 10.000 X X X Kwalitatief Betrokkenheid van 2 of meer medewerkers X X Betrokkenheid van clustermanager X X (Vermoede) fraude is het gevolg van druk binnen de organisatie X X Er is sprake van corruptie X X X De fraude is het gevolg van ondermijnende criminaliteit X X X Betrokkenheid van directie X X X X Betrokkenheid van college X X X X Uit het onderzoek blijkt mogelijke olievlekwerking (de fraude kan ook op andere plekken binnen de gemeente voorkomen) X X X

Rechtspraak bij dit artikel