Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 11

Indiening, ontvankelijkheid, ter inzage legging en zienswijze

Onderdeel van Monumentenverordening Amsterdam 2005

1.. Een aanvraag om vergunning als bedoeld in artikel 10 wordt ingediend bij het college. 2.. Van de in artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht geregelde bevoegdheid om de aanvraag wegens onvolledigheid niet te behandelen, kan slechts gebruik worden gemaakt indien de aanvrager binnen vier weken na ontvangst van de aanvraag in de gelegenheid is gesteld de aanvraag aan te vullen. De door het college ingevolge dat artikel te stellen termijn bedraagt ten hoogste vier weken. 3.. Op de voorbereiding van een besluit op een aanvraag om vergunning als bedoeld in artikel 10 is afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing, met dien verstande dat het college het ontwerp van het besluit ter inzage legt na ontvangst van het advies, bedoeld in artikel 12, tweede lid. 4.. Zienswijzen kunnen naar voren worden gebracht door een ieder.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel