Naar hoofdinhoud
1.. Het tarief bedraagt per persoon per etmaal € 1,75. 2.. In afwijking van het eerste lid kan ter zake van vaartuigen met een vaste ligplaats, indien een belastingplichtige als bedoeld in artikel 3, eerste lid is aangewezen, bij de aangifte gebruik worden gemaakt van de forfaitaire berekeningswijze met de in lid 3 opgenomen \ tarieven. 3.. Het tarief bedraagt met betrekking tot verblijf op een vaartuig met een lengte: van 4 tot 7 meter € 60,00; van 7 tot 9 meter € 70,00; van 9 tot 12 meter € 75,00; van meer dan 12 meter € 100,00. 4.. Het aantal vaartuigen als bedoeld in het derde lid, wordt vastgesteld op het aantal vaartuigen welke door de belastingplichtige bij aangifte uit de verhuuradministratie zijn opgegeven, dan wel blijken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel