De gemeente zorgt ervoor dat de inwoner hulp-op-maat kan krijgen als het normale gebruik van zijn woning als gevolg van een beperking niet mogelijk is.
De gemeente verstrekt niet altijd hulp-op-maat in de vorm van een woonvoorziening. De gemeente geeft geen hulp-op-maat in de volgende situaties:
de beperkingen van de inwoner zijn het gevolg van de materialen die in de woning zijn gebruikt;
de inwoner verblijft in een hotel of pension, een tweede woning, een trekkerswoonwagen, een klooster, een vakantiewoning, een recreatiewoning, een ADLclusterwoning of een woonruimte waarvoor de inwoner geen huurtoeslag kan krijgen;
de inwoner woont in een woning die specifiek gericht is op een bepaalde groep mensen waartoe de inwoner behoort, bijvoorbeeld een seniorencomplex, en de voorziening is bedoeld voor in een gemeenschappelijke ruimte, zoals elektrische bijvoorbeeld deuropeners;
het gaat om voorzieningen die bij nieuwbouw of renovatie zonder veel meerkosten meegenomen kunnen worden;
de inwoner is zonder dringende reden verhuisd vanuit een woonruimte waar de inwoner geen problemen had bij het normale gebruik van de woning;
de inwoner heeft een indicatie voor verhuizing naar een zorginstelling op grond van de Wet langdurige zorg;
de inwoner is verhuisd naar een woning die niet de meest geschikte woning is om de beperkingen van de inwoner te verminderen of weg te nemen, tenzij de gemeente daar toestemming voor heeft verleend.
Een woonvoorziening die een eerder verstrekte woonvoorziening vervangt, kan alleen worden verstrekt, als:
de eerder verstrekte woonvoorziening technisch is afge schreven;
de eerder verstrekte woonvoorziening verloren is gegaan buiten de schuld van de inwoner om; of als
de woonvoorziening geen oplossing meer is voor de woonproblemen van de inwoner.
Hoofdstuk 6.
Artikel 6.3.1
Geschikte woning
Onderdeel van Verordening sociaal domein gemeente Horst aan de Maas