Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 10.

Artikel 10.11.

Vervoersvoorziening in de vorm van een scootmobiel of driewielfiets

Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Zoeterwoude 2024

Bij een maatwerkvoorziening voor verplaatsen moet, naast het collectief vraagafhankelijk vervoer, worden gedacht aan bijvoorbeeld scootmobielen en driewielfietsen die, al dan niet in combinatie met de Regiotaxi, voor compensatie van de ervaren beperking van de zelfredzaamheid of participatie zorgen. Tijdens het onderzoek zal beoordeeld moeten worden welke andere vervoersvoorzieningen de inwoner tot zijn beschikking heeft. Met andere vervoersvoorzieningen die de inwoner tot zijn beschikking heeft, worden bijvoorbeeld een auto, fiets of (elektrische) rolstoel bedoeld. Is de inwoner in staat om met gebruik van de andere vervoersmiddelen op de plaats van bestemming te komen, komt de inwoner in principe niet in aanmerking voor een vervoersvoorziening. Bij inwoners met een loopafstand van minder dan 800 meter zal het college beoordelen of naast een voorziening als collectief vraagafhankelijk vervoer ook nog een voorziening verstrekt moet worden voor de korte afstand. Een dergelijke individuele maatwerkvoorziening kan alleen worden verstrekt indien de inwoner verantwoord met het middel overweg kan en over een adequate stalling beschikt. Indien er geen stalling aanwezig is, kan het college het realiseren van een stalling opnemen in de maatwerkvoorziening. De kosten van deze stalling moeten in redelijke verhouding staan tot de huur- of aanschafkosten én van de verwachte gebruiksduur van de betreffende maatwerkvoorziening..

Rechtspraak bij dit artikel