Naar hoofdinhoud

Artikel 7

Het evaluatieverslag

Onderdeel van Verordening bodemsanering Amsterdam 2006

1.. Degene die heeft gesaneerd dient uiterlijk vijftien weken na beëindiging van de saneringswerkzaamheden bij het College een evaluatieverslag met betrekking tot de sanering in viervoud in, waarbij zo nodig afzonderlijk wordt gerapporteerd over de sanering van de grond en van het grondwater. 2.. Onverminderd de eisen die op grond van artikel 39c, eerste lid van de wet aan een evaluatieverslag worden gesteld, worden in het evaluatieverslag de gegevens opgenomen als neergelegd in bijlage 2 bij deze verordening. 3.. Het overleggen van de gegevens als neergelegd in bijlage 2 bij deze verordening kan achterwege worden gelaten indien naar het oordeel van het College: bij de indiening van het plan duidelijk is aangegeven welke gegevens ontbreken; deugdelijk gemotiveerd wordt aangegeven waarom die gegevens ontbreken; die gegevens niet noodzakelijk zijn voor de beoordeling van het evaluatieverslag.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel