Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 29

Tot de orde roepen

Onderdeel van Verordening op de Raadscommissies 2006

1.. Indien een spreker van het onderwerp in beraadslaging afwijkt, wijst de voorzitter de spreker hierop en roept deze tot de orde. 2.. Indien een spreker beledigende of onbehoorlijke uitdrukkingen bezigt, of op welke wijze dan ook de orde verstoort, wordt hij of zij door de voorzitter vermaand en in de gelegenheid gesteld de woorden die tot de vermaning aanleiding hebben gegeven, terug te nemen. 3.. Onder “beledigende of onbehoorlijke uitdrukkingen” worden in ieder geval begrepen het naar het oordeel van de voorzitter doen van uitlatingen of uitingen, in welke vorm dan ook, met een racistisch, seksistisch of anderszins discriminatoir karakter. 4.. De voorzitter kan aan de commissie voorstellen beledigende of onbehoorlijke uitdrukkingen niet in het verslag op te nemen.

Rechtspraak bij dit artikel