De subsidie gaat in op de eerste van de maand waarin de peuter een peuteropvangplaats bezet.
De subsidie eindigt met ingang van de datum waarop de peuter om welke reden dan ook de voorschoolse voorziening verlaat, maar uiterlijk op het moment dat de peuter 4 jaar oud wordt. Wanneer een kind 2 weken voor de schoolvakantie 4 jaar oud wordt, kan de mogelijkheid geboden worden deze periode van 2 weken te overbruggen met extra opvang van maximaal 6,5 uur per week uren voor peuters zonder een indicatie en maximaal 16 uren per week voor peuters met een indicatie. De hoogte van de extra subsidie voor die extra 2 weken is conform artikel 6.
Bij hoge uitzondering kan de gemeente schriftelijk (kan ook per mail) toestemming verlenen voor een verlenging van maximaal 3 maanden, mits aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:
De fysieke en psychische veiligheid van het kind, de groepsgenoten en de pedagogisch medewerker is gewaarborgd. De kinderopvang bepaalt of dit het geval is.
De verlenging is ter overbrugging van een plaatsing anders dan in regulier onderwijs, of als er nog niet duidelijk is naar welke vorm van onderwijs of zorg een kind uitstroomt.
De kinderopvang stemt verlenging af met de IB-er van de school waar de opvanglocatie aan gelieerd.
De hoogte van de extra subsidie voor die extra 3 maanden is conform artikel 6.
Artikel 7.
Subsidieduur
Onderdeel van Subsidieregeling peutergroepen en voorschoolse educatie, gemeente Sliedrecht 2025