Naar hoofdinhoud

Artikel 6

Agendering

Onderdeel van Verordening Burgerinitiatief Schiedam 2025

1.. De voorzitter bevestigt de ontvangst van het verzoek schriftelijk aan de initiatiefnemer. 2.. De voorzitter brengt het initiatief onverwijld ter kennis van de raad en het college. 3.. Indien de raad het verzoek afwijst wegens strijd met artikel 4, eerste lid 1, sub a, kan de raad het voorstel doorzenden aan het bevoegde bestuursorgaan. 4.. Indien het burgerinitiatief niet voldoet aan de eisen bedoeld in lid 4 stelt de raad de initiatiefnemer gedurende een termijn van ten hoogste twee weken in de gelegenheid om de vastgestelde gebreken te herstellen. 5.. Als naar het oordeel van de raad het initiatief, ook na verstrijken van de in lid 4 bedoelde hersteltermijn, niet voldoet aan de in artikel 3, 4 en 5 gestelde eisen, wordt het verzoek om het burgerinitiatief voor de raadsvergadering te agenderen, afgewezen. De afwijzing wordt onverwijld ter kennis gebracht van de initiatiefnemer en het college. 6.. Indien de initiatiefnemer geen gehoor geeft aan de uitnodiging als bedoeld in artikel 7, lid 2, wordt het burgerinitiatief aangehouden. Indien indiener aan een tweede uitnodiging als bedoeld in artikel 7, lid 3, eveneens geen gehoor geeft, wordt het burgerinitiatief van de agenda gehaald. 7.. De raad beslist in de eerstvolgende vergadering na de datum van indiening van het verzoek of het burgerinitiatief op de agenda van de raad wordt geplaatst. 8.. 9.. Indien de raad het verzoek honoreert, zendt hij het burgerinitiatief ter voorbereiding van de besluitvorming door aan de daartoe aangewezen Raadsinformatieavond en Politieke Avond.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel