**1..** Het Dagelijks Bestuur wordt door het Algemeen Bestuur aangewezen. Het Dagelijks Bestuur bestaat, met inbegrip van de voorzitter en plaatsvervangend voorzitter, uit drie leden van het Algemeen Bestuur.
**2..** De leden van het Dagelijks Bestuur treden af op de datum, waarop de zittingsperiode van het Algemeen Bestuur eindigt.
**3..** De aftredende leden van het Dagelijks Bestuur blijven hun functie vervullen, totdat hun opvolgers hun lidmaatschap hebben aanvaard.
**4..** Het Dagelijks Bestuur vergadert minimaal zes keer per jaar.
**5..** De voorzitter stelt dag en plaats van de vergaderingen van het Dagelijks Bestuur vast, en tevens het tijdstip van opening.
**6..** Artikel 9 tweede tot en met zesde lid van deze regeling zijn van overeenkomstige toepassing.
**7..** Alle leden van het Algemeen Bestuur worden als agendalid uitgenodigd voor de vergaderingen van het Dagelijks Bestuur en hebben in de vergadering een adviserende rol, zonder stemrecht.
**8..** Een lid van het dagelijks bestuur dat het vertrouwen van de algemeen bestuur niet meer bezit, kan door het algemeen bestuur als zodanig worden ontslagen. Op het ontslagbesluit is artikel 4:8 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing.