Naar hoofdinhoud
1.. De stadsdelen stellen een parkeerfonds in. 2.. Voor het stadsdeelparkeerfonds geldt: dat de voeding van het stadsdeelparkeerfonds in ieder geval bestaat uit: het restant van de brutofiscale parkeeropbrengsten dat niet wordt afgedragen aan het Centraal Mobiliteitsfonds; opbrengsten uit naheffingsaanslagen; dat de brutofiscale parkeeropbrengsten uitsluitend worden aangewend als dekkingsbron voor: de kosten van inning, administratie en handhaving van de parkeervoorschriften; maatregelen ten behoeve van het verkeers- en vervoerbeleid die het centrale verkeers- en vervoerbeleid niet tegenwerken; dat de stadsdelen per zittingsperiode van het college de primaire bestedingsrichting vastleggen in een besluit waarin een duidelijke koppeling is gelegd met het vigerende programakkoord van het desbetreffende stadsdeel; dat het college een afschrift ontvangt van het in c. genoemde besluit; dat het college de mogelijkheid heeft een marginale toets uit te voeren op de besteding.

Rechtspraak bij dit artikel