Naar hoofdinhoud
1.. Er wordt geen maatwerkvoorziening verstrekt indien: de inwoner geen ingezetene is van of zijn hoofdverblijf heeft in de gemeente Apeldoorn; de voorziening voor de inwoner algemeen gebruikelijk is; het gebruik van een voorziening voor de inwoner zelf of voor derden onveilig is of gezondheidsrisico’s met zich meebrengt of niet voldoet aan de kwaliteit zoals opgenomen in artikel 3.1 van de wet; de inwoner zich bewust in een situatie heeft gebracht waarin hij, al dan niet opnieuw, aanspraak moet maken op een voorziening of als de voorziening niet noodzakelijk was geweest wanneer de inwoner rekening had gehouden met bestaande en bekende beperkingen en de te verwachten ontwikkelingen daarvan; de gevraagde voorziening al eerder aan de inwoner is verstrekt op grond van enige wettelijke bepaling en de normale afschrijvingstermijn van de voorziening nog niet verstreken is, tenzij de voorziening verloren is gegaan door omstandigheden die niet aan de inwoner zijn toe te rekenen of de inwoner geheel of gedeeltelijk tegemoet komt in de veroorzaakte kosten door vroegtijdige vervanging van de voorziening; de voorziening uitsluitend therapeutische doeleinden heeft; de inwoner de gevraagde voorziening 6 maanden voor de melding heeft gerealiseerd of geaccepteerd, en de noodzaak en passendheid van de voorziening en de gemaakte kosten op het moment van de melding achteraf niet meer kan worden beoordeeld. Of als de inwoner de gevraagde voorziening na de melding en voor de datum van besluit heeft gerealiseerd of geaccepteerd, tenzij het college uitdrukkelijk daarvoor schriftelijke toestemming heeft gegeven; aannemelijk is of er al recht bestaat op een voorziening op grond van een andere wettelijke bepaling; deze niet hoofdzakelijk op het individu is gericht; deze niet langdurig noodzakelijk is, tenzij het gaat om hulp bij collectief vervoer, het huishouden of begeleiding; er geen compensatieplicht resteert omdat de inwoner de beperkingen weg kan nemen op grond van eigen kracht, met gebruikelijke hulp, met mantelzorg, met vrijwilligerswerk of met hulp van andere personen uit zijn sociale netwerk; de inwoner de beperkingen weg kan nemen met gebruikmaking van algemene en algemeen gebruikelijke voorzieningen; het niet aangemerkt wordt als de goedkoopste passende voorziening; de inwoner zijn medewerking niet verleent aan een onderzoek zoals bedoeld in artikel 2.3.2, eerste lid, van de wet, dat redelijkerwijs nodig is om te beoordelen of en in welke mate de inwoner zelfredzaam is en in welke mate de inwoner kan participeren in de samenleving. 2.. Voor een maatwerkvoorziening gericht op zelfredzaamheid en participatie geldt daarnaast dat deze alleen kan worden toegekend voor zover: de maatwerkvoorziening een passende bijdrage levert aan het realiseren van een situatie waarin de inwoner in staat wordt gesteld tot zelfredzaamheid of participatie en zo lang mogelijk in de eigen leefomgeving kunnen blijven; de beperkingen het gevolg zijn van een lichamelijke, geestelijke, verstandelijk oorzaak, een chronisch psychisch probleem of een psychosociaal probleem; de noodzaak tot ondersteuning voor inwoner niet redelijkerwijs vermijdbaar is geweest. 3.. De weigeringsgrond genoemd in het eerste lid, onder a is niet van toepassing op maatschappelijke opvang en verblijf.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel