**1..** De Burgemeester weigert een vergunning, indien:
de exploitatie van het prostitutiebedrijf in strijd is met een bestemmingsplan of leefmilieuverordening in de zin van de Wet op de stads- en dorpsvernieuwing;
de vestiging daarvan geschiedt in een woonruimte waarvoor een vergunning tot woningonttrekking als bedoeld in artikel 30 van de Huisvestingswet is geweigerd;
een geschiktheidsverklaring als bedoeld in hoofdstuk 6A van de Bouwverordening ontbreekt;
voorzover het een raamprostitutiebedrijf betreft, deze is gelegen buiten een door de Burgemeester voor deze bedrijven aangewezen gebied;
het prostitutiebedrijf niet in een gebouw is gevestigd;
de exploitant of beheerder niet voldoet aan de bij of krachtens artikel 6.7 gestelde eisen.
**2..** De Burgemeester kan een vergunning weigeren, indien naar zijn oordeel:
het woon- en leefklimaat in de omgeving, de openbare orde of veiligheid, nadelig wordt beïnvloed door de aanwezigheid van het prostitutiebedrijf;
het bedrijfsplan voor een besloten prostitutiebedrijf niet voldoet aan de gegeven nadere regels dan wel onvoldoende garanties biedt voor de bescherming van de positie van de in dat bedrijf werkzame prostituees;
een eerdere vergunning voor de exploitatie van het prostitutiebedrijf is ingetrokken of het prostitutiebedrijf met toepassing van artikel 2.7 of artikel 6.12 van deze verordening dan wel artikel 13b van de Opiumwet is gesloten;
voldoende aannemelijk is dat de exploitant de in artikel 6.9 gestelde verplichtingen niet of onvoldoende zal naleven.
**3..** Bij de toepassing van de in het tweede lid, onder a, genoemde weigeringsgrond houdt de Burgemeester rekening met het karakter van de straat en de wijk waarin het prostitutiebedrijf zal zijn gelegen, de aard van het prostitutiebedrijf en de spanning waaraan het woon- en leefklimaat ter plaatse reeds blootstaat of zal komen bloot te staan, alsmede met bijzondere gebruiksfuncties in de omgeving van het prostitutiebedrijf die zich niet verdragen met de aanwezigheid van het prostitutiebedrijf.
Hoofdstuk
Artikel 6.8
Gronden voor weigering vergunning
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening 1994