Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 3.

Inrichting begroting en jaarstukken

Onderdeel van Verordening financieel beleid, beheer en organisatie Hendrik-Ido-Ambacht 2024 (art. 212 Gemeentewet)

1.. In de opzet van de begroting zijn per programma opgenomen: de beleidsdoelen, wat willen we bereiken; op hoofdlijnen hoe men dat beleid wil realiseren, wat gaan we daarvoor doen; het budget dat nodig is, wat mag het kosten; 2.. Bij de begroting en de jaarstukken worden de lasten en baten en stortingen in, en onttrekkingen uit, de reserves per programma weergegeven. 3.. Bij de uiteenzetting van de financiële positie van de begroting wordt: van de nieuwe investeringen per investering het benodigde investeringskrediet weergegeven en wordt van de lopende investeringen het geautoriseerde investeringskrediet en de raming van de uitputting van het investeringsbudget in het lopende boekjaar weergegeven, en in aanvulling op het bepaalde in artikel 20 en artikel 21 van het BBV inzicht gegeven in de ontwikkeling van de schuldpositie in de paragraaf Financiering in zowel de begroting als de jaarstukken. 4.. Het college maakt incidentele baten en lasten met een ondergrens van € 50.000 zichtbaar in zowel de begroting als de jaarstukken. 5.. Het college legt bij de jaarstukken verantwoording af over de uitvoering van de programma’s. In de verantwoording geeft het college, conform de opzet van de begroting, aan: wat hebben we bereikt; wat hebben we daarvoor gedaan; wat heeft het gekost; 6.. In de jaarrekening worden van de investeringen de geautoriseerde investeringskredieten en de actuele uitputting van de investeringsbudgetten weergegeven.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel