Naar hoofdinhoud

Artikel 6

Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing

Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van toeristenbelasting 2025

1.. Ter zake van verblijf in mobiele kampeeronderkomens, vakantieonderkomens en stacaravans op vaste jaarplaatsen of op vaste seizoenplaatsen of voor mobiele kampeeronderkomens op seizoenplaatsen voor vakantie of recreatief gebruik wordt het aantal overnachtingen forfaitair vastgesteld. 2.. De forfaitaire berekeningswijze is uitsluitend van toepassing voor jaarplaatsen, vaste seizoenplaatsen, seizoenplaatsen en arrangementen die gebruikt worden door één en hetzelfde gezin of echtpaar, dan wel dezelfde persoon of personen. 3.. Bij de forfaitaire berekening wordt het aantal overnachtingen per verblijfsruimte vastgesteld op het product van het voor die verblijfsruimte in het vierde lid vastgestelde aantal personen dat heeft overnacht en het voor die verblijfsruimte in het vijfde lid vastgestelde aantal malen dat is overnacht. 4.. Het aantal personen dat heeft overnacht, wordt met betrekking tot: mobiele kampeeronderkomens, vakantieonderkomens en stacaravans op vaste jaar – en vaste seizoenplaatsen en gebezigd voor uitsluitend recreatief gebruik, bepaald op 2,5; mobiele kampeeronderkomens, vakantieonderkomens en stacaravans op seizoenplaatsen en gebezigd voor uitsluitend recreatief gebruik, bepaald op 2,5; mobiele kampeeronderkomens, vakantieonderkomens op niet-vaste of seizoenplaatsen en gebezigd voor uitsluitend recreatief gebruik, bepaald op: 2,6, indien sprake is van een voorseizoenarrangement; 2,6, indien sprake is van een verlengd voorseizoenarrangement; 2,4, indien sprake is van een naseizoenarrangement; 2,1, indien sprake is van een maandarrangement. 5.. Het aantal malen dat door de in het vierde lid bedoelde personen is overnacht, wordt: in geval van het vierde lid, sub a, bepaald op: 56; in geval van het vierde lid, sub b, bepaald op: 58; in geval van het vierde lid, sub c, bepaald op: 30, indien sprake is van een voorseizoenarrangement; 39, indien sprake is van een verlengd voorseizoenarrangement; 18, indien sprake is van een naseizoenarrangement; 13, indien sprake is van een maandarrangement.

Rechtspraak bij dit artikel