**1..** In het kader van provinciale meerjarendoel 3.5.1 “er is meer kennis beschikbaar om bodemdaling en broeikasgasuitstoot te beperken” kan subsidie worden verstrekt voor activiteiten die zijn gericht op innovatie en kennisontwikkeling op het gebied van het beperken van bodemdaling op gronden met agrarisch gebruik in de veenweidengebieden en het beperken van de ongewenste neveneffecten van bodemdaling of bodemdaling beperkende maatregelen.
**2..** Subsidie wordt slechts verstrekt als de activiteiten, bedoeld in het eerste lid, bijdragen aan het ontwikkelen van kennis over en innovatie van één of meer van de volgende mogelijkheden:
het verhogen van de grondwaterstand in grasland ten behoeve van het tegengaan van bodemdaling;
het aanpassen van de bodemsamenstelling ten behoeve van het tegengaan van bodemdaling;
transitie naar landbouwkundig gebruik met hoge grondwaterstand;
water vasthouden in agrarische percelen als overgangszone rondom natuurgebieden op veenbodem;
onderzoek naar het ontwikkelen van nieuwe verdienmodellen voor de agrarische sector;
onderzoek naar ongewenste effecten van bodemdaling remmende maatregelen en hoe deze te voorkomen;
onderzoek naar het duurzaam in stand houden van waterinfiltratiesystemen;
monitoring van de effecten van de uitrol van bewezen maatregelen.
**3..** Het project moet van belang zijn voor alle ondernemingen die in de betrokken specifieke landbouw- of bosbouwsector of sub-sector actief zijn met vergelijkbare grondsamenstelling.
**4..** In afwijking van artikel 1.8, onder c, kunnen de subsidiabele activiteiten, genoemd in het eerste lid, tot de reguliere activiteiten behoren van de subsidieontvanger.
Hoofdstuk 14
Artikel 14.1.1
Subsidiecriteria
Onderdeel van Subsidieregeling Leefomgeving landelijk gebied provincie Utrecht