Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 18

Artikel 18.3

Aanvraag

Onderdeel van Subsidieregeling Leefomgeving landelijk gebied provincie Utrecht

1. . Subsidieaanvragen kunnen worden ingediend van 1 november 2025 tot en met 31 januari 2026. 2. . De verdeling van het beschikbare budget vindt plaats op basis van volgorde van ontvangst van de aanvragen met inachtneming van artikel 2.2 AsvpU. 3. . Bij de subsidieaanvraag worden de volgende documenten gevoegd: een kadastrale kaart, waaruit blijkt dat de stalgebouwen van de deelnemende veehouderij(en) gelegen zijn binnen het gebied zoals weergegeven op de kaart in de bijlage bij dit hoofdstuk; een meetplan; een document waarin alle deelnemers van het samenwerkingsverband expliciet instemmen met de subsidieaanvraag; een deelnamebewijs uitgegeven door de Stichting Fieldlab Groene Hart waaruit blijkt dat de veehouder deelneemt aan het Fieldlabproject Groene Hart en zich conformeert aan de rechten en plichten ten aanzien van kennisontwikkeling en kennisdeling die voortvloeien uit deelname aan het Fieldlabproject; een driejarig servicecontract met een daartoe geëigende partij voor het onderhoud van het meetsysteem; een projectplan waarin ten minste is opgenomen: een omschrijving van de huidige activiteiten van de veehouderij en in welke richting en op welke wijze de veehouderij wordt verwacht zich te zullen ontwikkelen; een kwantitatieve beschrijving van de huidige milieuprestaties KPI’s UMDL van de veehouderij op basis van de data in de KringloopWijzer; de te verwachten emissiereductie en de randvoorwaarden die nodig zijn om deze verwachte reductie daadwerkelijk te behalen; een beschrijving van de emissiereductietechniek(en) waarmee de veehouderij de beoogde emissiereductie gaat realiseren en op welke wijze deze kan of kunnen worden ingepast binnen de bedrijfsvoering, in combinatie met ten minste vier van de volgende onderwerpen, waarvan in ieder geval onderdeel 5 “meer duurzaam bodembeheer” deel uitmaakt: minder gebruik van gewasbeschermingsmiddelen per hectare; minder uitstoot van broeikasgassen in CO2-equivalent (eq) per hectare; minder uit- en afspoeling van nitraat en fosfaat per hectare; grotere biodiversiteit met de drie groene (natuur) KPI’s in % per hectare; meer duurzaam bodembeheer middels mest- en bodemmonsters (inclusief organische stofgehalte, pH, C/N verhouding en kalium en zwavelgehalte); meer circulariteit (bijvoorbeeld middels lager stroomgebruik kWh/koe, minder input van krachtvoer, brandstof en/of kunstmest); meer dierenwelzijn en diergezondheid (zoals de uren weidegang); de noodzaak van een omgevingsvergunning als bedoeld in de Omgevingswet voor de uitvoering van het Fieldlabproject op de betreffende veehouderij(en); een begroting van de kosten van de emissiereductietechnieken op basis van onafhankelijke offertes; de financiële haalbaarheid voor de veehouderij van de eigen investeringskosten in de te (huur)kopen emissiereductietechnieken; en de financiële levensvatbaarheid van de betreffende veehouderij(en). 4. . Als voor de uitvoering van het Fieldlabproject een omgevingsvergunning is vereist als bedoeld in de Omgevingswet, dient elke bij de subsidieaanvraag betrokken veehouderij bij de subsidieaanvraag te beschikken over: een onherroepelijke omgevingsvergunning, met zo nodig een voorafgaande milieueffectbeoordeling als bedoeld in artikel 14, vijfde lid van de Landbouwvrijstellingsverordening; een verleende omgevingsvergunning, indien een omgevingsvergunning nog niet onherroepelijk is, maar wel is verleend; een ontvangstbevestiging van het bevoegd gezag dat de aanvraag voor een omgevings-vergunning is ingediend; of een door het bevoegd gezag afgegeven schriftelijke verklaring waarin zij het Fieldlabproject gedoogt. 5. . Als de veehouderij bij de subsidieaanvraag niet voldoet aan het vereiste uit het vierde lid, dan kunnen Gedeputeerde Staten de subsidie verlenen onder de voorwaarde dat de bij de subsidie betrokken veehouderij alsnog aan voornoemd vereiste voldoet binnen de in de subsidiebeschikking bepaalde termijn. 6. . Als voor het Fieldlabproject geen omgevingsvergunning vereist is als bedoeld in de Omgevingswet, dient elke bij de subsidieaanvraag betrokken veehouderij te beschikken over een document, onderbouwing of motivering waaruit genoegzaam blijkt dat een omgevingsvergunning niet vereist is.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel