**1..** Woonkostentoeslag voor een huurwoning wordt verstrekt als:
Belanghebbende een woning bewoont waarvan de hoogte van de woonkosten in aanmerking komt voor de toekenning van een huurtoeslag, gelet op artikel 13 van de Wet op de huurtoeslag, maar belanghebbende door bijzondere omstandigheden en buiten zijn schuld (nog) geen aanspraak kan maken op deze huurtoeslag, of;
Belanghebbende een huurwoning bewoont met een huur boven de rekenhuur / huurtoeslaggrens als bedoeld in de Wet op de huurtoeslag en hij door bijzondere omstandigheden deze huur niet meer kan betalen.
**2..** De woonkostentoeslag wordt verstrekt tot de datum waarop belanghebbende wel aanspraak kan maken op huurtoeslag, of als huurtoeslag niet aan de orde is, voor de periode van maximaal 6 maanden. De periode kan na afloop tijdelijk worden verlengd indien het feit dat belanghebbende nog niet over goedkopere woonruimte beschikt hem niet te verwijten valt.
**3..** De woonkostentoeslag is gelijk aan het bedrag van de huurtoeslag die belanghebbende gelet op zijn financiële situatie op grond van de Wet voor de huurtoeslag voor de woonkosten per maand zou ontvangen.
**4..** Indien belanghebbende een huur betaald die hoger is dan de huurtoeslaggrens, wordt het bedrag voor de woonkostentoeslag, zoals genoemd in het derde lid, verhoogd met dat deel dat hoger is dan de huurtoeslaggrens.
**5..** De woonkostentoeslag wordt in de vorm van een geldlening verstrekt in aangewezen situaties zoals beschreven in artikel 48 lid 2 van de Participatiewet.
Hoofdstuk 4. › Paragraaf 4c.
Artikel 33.
Woonkostentoeslag voor een huurwoning
Onderdeel van Beleidsregels Werk, Participatie en Inkomen gemeente Hattem