**1..** In het geval dat belanghebbende bijstand ontvangt, wordt de vordering in maandelijkse termijnen met deze bijstand verrekend zoals beschreven in artikel 60 lid 3 van de Participatiewet.
**2..** In het geval dat de bijstand wordt beëindigd, wordt belanghebbende verzocht de aflossingen zelf te blijven voldoen. De aflossingscapaciteit kan opnieuw worden bepaald volgens het beleid zoals beschreven in artikel 22 van deze beleidsregels. Op de lopende vordering wordt de reservering van het vakantiegeld verrekend.
**3..** De hoogte van de (maandelijkse) vordering wordt bepaald volgens het beleid zoals beschreven in artikel 22 van deze beleidsregels. In uitzondering hierop geldt:
Een aflossingsregeling kan worden getroffen als belanghebbende die geen bijstand ontvangt de vordering in 36 maanden aflost en het aflossingsbedrag minimaal € 50,- per maand bedraagt;
Als een vordering niet in 36 maanden kan worden afgelost, wordt een onderzoek ingesteld naar de aflossingscapaciteit van belanghebbende.
Hoofdstuk 5.
Artikel 55.
Verrekening van bijstand bij terugvordering
Onderdeel van Beleidsregels Werk, Participatie en Inkomen gemeente Hattem