Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Subsidie voor deelname peuters aan de peutervoorziening

Onderdeel van Subsidieregeling peutervoorziening en voorschoolse educatie gemeente Zevenaar 2025

1.. De aanbieder kan alleen subsidie aanvragen bij de gemeente voor de deelname van een peuter aan een peutervoorziening wanneer aan de volgende voorwaarden wordt voldaan: de ouders/verzorgers van de peuter komen (aantoonbaar) niet in aanmerking voor kinderopvangtoeslag van het rijk; de peuter is woonachtig in de gemeente Zevenaar; voorafgaand aan de start van de peuteropvang is een overeenkomst opgesteld en ondertekend door de aanbieder en de ouder(s). 2.. De subsidie per peuter bedraagt € 10,71 per uur in het jaar 2025 (conform Adviestabel ouderbijdrage peuteropvang van de VNG 2025) en is gelijk aan de maximale uurvergoeding kinderopvangtoeslag die de belastingdienst in het betreffende subsidiejaar hanteert per geplaatste peuter voor maximaal 2 dagdelen per week gedurende minimaal 40 weken en maximaal 46 weken per jaar, minus de ouderbijdrage. 3.. De peutervoorziening is toegankelijk voor kinderen van 2,5 jaar tot 4 jaar of tot het moment dat het kind naar de basisschool gaat. 4.. Voor de afname van subsidiabele peuteropvang betalen de ouder(s) alleen de ouderbijdrage volgens de ouderbijdragetabel peuteropvang en voorschoolse educatie (Adviestabel ouderbijdrage peuteropvang van de VNG 2025) . De ouders betalen deze ouderbijdrage aan de peuteropvang organisatie. 5.. Wanneer ouder(s) meer dan 7 uur (op basis van 46 weken opvang) of 8 uur (op basis van 40 weken opvang) subsidiabele peuteropvang afnemen, betalen zij deze extra uren zelf, tenzij hierover tussen gemeente en peuteropvang organisatie andere afspraken zijn gemaakt. 6.. Ouders van doelgroepkinderen VVE in de kinderdagopvang die aantoonbaar niet meer dan 2 dagdelen gebruik maken van de kinderdagopvang kunnen in aanmerking komen voor een door de gemeente gesubsidieerd 3e dagdeel van maximaal 6 uur per dagdeel indien zij 12 maanden voor aanvang van de voorschoolse educatie de contractuele opvangduur niet hebben verminderd.

Rechtspraak bij dit artikel