**1..** Het college verleent aan de inwoner toegang tot de schulddienstverlening als het college van oordeel is dat dit noodzakelijk is.
Bij de afweging over de noodzakelijkheid en de inhoud van een aanbod schulddienstverlening aan de inwoner, kan het college de volgende factoren betrekken:
de doelmatigheid van de ondersteuning met het oog op de aard, zwaarte en omvang van de schulden en de regelbaarheid van deze schulden;
Inkomsten en uitgaven;
de mate van redzaamheid en de financiële vaardigheden van de inwoner;
de oorzaak van het ontstaan van de schuldenlast.
**2..** Het college maakt het besluit tot toekenning of weigering via een beschikking bekend aan de cliënt. De afgegeven beschikking bevat in ieder geval, het besluit van toelating en het plan van aanpak of van weigering.
In het plan van aanpak, bedoeld in artikel 4a, eerste lid, onderdeel a, van de wet, wordt de beslagvrije voet in acht genomen en het bevat in ieder geval op hoofdlijnen een omschrijving en het doel van de aangeboden hulp, de voorwaarden die de cliënt dient na te komen, en hoe de begeleiding/coaching/nazorg wordt vormgegeven.
**3..** Het schulddienstverleningstraject bestaat uit 4 fases:
Fase 1: Aanmelding- Intake
Deze fase is gericht op het stellen van een brede diagnose en resulteert in een besluit van het college tot het doen van een aanbod schulddienstverlening dan wel tot een weigering daarvan.
Fase 2: Stabilisatie
Deze fase is gericht op het creëren van een stabiele situatie. Zoals het maximaliseren en in evenwicht brengen en houden van inkomsten en het minimaliseren en in evenwicht brengen en houden van de uitgaven van de cliënt of andere zaken die nodig zijn om een schuldregeling te kunnen starten. Daarnaast wordt er gewerkt aan het oplossen van de oorzaak die geleid heeft tot de schuldensituatie. Ingezet kan worden een vorm van budgetbeheer, flankerende hulp waaronder beschermingsbewind, thuisadministratie, psychosociale zorg etc.
Fase 3: schuldregeling
Deze fase is gericht op het schuldenvrij maken van de cliënt. Dit traject wordt gestart als de situatie van de cliënt stabiel is.
Fase 4: nazorg
Deze fase is gericht op het voorkomen van terugval na een succesvol afgesloten traject gericht op beheersbare schulden, traject Msnp of Wsnp.
Gedurende alle fases wordt indien nodig begeleiding en coaching ingezet om de cliënt (weer) zelfredzaam te maken.
**4..** Bij het bepalen van het aanbod schulddienstverlening houdt het college in ieder geval rekening met de volgende factoren:
de aard en/of omvang van de schulden;
de psychosociale situatie;
de houding en gedrag (motivatie) van inwoner;
de (financiële) vaardigheden van de inwoner en de mate van leerbaarheid;
de financiële situatie, hoogte en/of omvang van het inkomen;
eerder gebruik van schulddienstverlening, Msnp en/of Wsnp, de gezinssituatie en/of de woonsituatie;
er sprake is van een dreigende situatie;
er sprake is van een problematische schuldsituatie, zoals omschreven in Gedragscode schuldhulpverlening NVVK1De definitie problematische schuld luidt: ‘Een schuld is problematisch wanneer te voorzien is dat een natuurlijke persoon schulden niet zal kunnen blijven afbetalen of is gestopt met afbetalen.’ Het gaat dan om een situatie waarin niet binnen 36 maanden alle opeisbare vorderingen betaald kunnen worden. .
**5..** Het aanbod is altijd maatwerk. Schulddienstverlening kan bestaan uit één of meerdere producten:
informatie- en advies:
stabilisatie;
duurzame financiële dienstverlening (DFD);
crisisinterventie;
schuldregeling: betalingsregeling, schuldbemiddeling -(Msnp) of sanering(krediet)- en WSNP;
budgetbeheer, bestaande uit het tijdelijk beheren van het inkomen van cliënt door het openen van een rekening waarop de inkomsten worden gestort en de uitgaven en reserveringen worden gedaan;
begeleiding/coaching financiële zelfredzaamheid.
Artikel 4.
-Criteria en aanbod schulddienstverlening en ondersteuning
Onderdeel van Beleidsregels schulddienstverlening Hoeksche Waard 2025