Als een van de belanghebbenden, gedurende de kennismakingsperiode, voor een periode van langer dan 28 dagen in een inrichting als bedoeld in artikel 1 onderdeel f van de Participatiewet verblijft, gedetineerd is of in het buitenland verblijft, houdt het recht op de kennismakingsperiode op te bestaan. Wanneer de partner niet langer meer in de inrichting verblijft, gedetineerd is of in het buitenland verblijft, kan de kennismakingsperiode opnieuw worden aangevraagd voor het resterende deel van de kennismakingsperiode, op voorwaarde dat er nog geen jaar is verstreken na de einddatum van de kennismakingsperiode.
Artikel 8.
Detentie, buitenland of verblijf instelling
Onderdeel van Beleidsregel Proef Samenwonen gemeente Almere