Het besluit tot verlening van een tegemoetkoming in de kosten van
kinderopvang bevat in ieder geval:
de vaststelling tot welke van de gemeentelijke doelgroepen de
ouder en/of partner behoort;
de naam en geboortedatum van het kind of de kinderen waarop de
tegemoetkoming betrekking heeft;
de naam en adres van het kindercentrum of gastouderbureau waar
de kinderopvang plaatsvindt;
de periode en de omvang van de kinderopvang per kind waarvoor de
tegemoetkoming wordt verleend;
het maximaal toegekende bedrag per kalenderjaar of andere
periode waarvoor de tegemoetkoming wordt verleend en de wijze
waarop dit is berekend;
de wijze waarop het bedrag van de tegemoetkoming wordt
uitbetaald;
de verplichtingen van de ouder.
Als de aanvraag betrekking heeft op een persoon zoals bedoeld in artikel 6, onderdeel k en/of l van de wet omvat de
beschikking eveneens:
of er al dan niet sprake is van een sociaal-medische
indicatie;
de geldigheidsduur van de indicatie;
wie de geïndiceerde persoon is.
Hoofdstuk
Artikel 3.6