Naar hoofdinhoud

Artikel 9:10

Awb

Onderdeel van Instructie klachtbehandeling gemeente Weert 2024

1.. Het bestuursorgaan stelt de klager en degene op wiens gedraging de klacht betrekking heeft, in de gelegenheid te worden gehoord. 2.. Van het horen van de klager kan worden afgezien indien: de klacht kennelijk ongegrond is, de klager heeft verklaard geen gebruik te willen maken van het recht te worden gehoord, of de klager niet binnen een door het bestuursorgaan gestelde redelijke termijn verklaart dat hij gebruik wil maken van het recht te worden gehoord. 3.. Van het horen wordt een verslag gemaakt. Instructie artikel 9:10 Awb Degene die in artikel 9:7 Awb is aangewezen, behandelt de klacht en stelt de klager én degene op wiens gedraging de klacht betrekking heeft in de gelegenheid om te worden gehoord en op elkaars standpunt te reageren. De klager kan op het klachtenformulier aangeven of hij gehoord wil worden. Het horen kan ook schriftelijk plaatsvinden. Als de klager (nog) niet heeft aangegeven welke keuze hij heeft gemaakt, vraagt de behandelaar hem schriftelijk een keuze te maken. Indien de klager binnen twee weken niet aangeeft dat hij een hoorzitting wil, wordt hij geacht geen gebruik te willen maken van het recht te worden gehoord. Dit overeenkomstig lid 2 sub b. Het verslag van de hoorzitting is een globale weergave van het besprokene. Op verzoek van één van de betrokkenen kan de hoorzitting worden opgenomen. De opname wordt uitsluitend ten behoeve van de afhandeling van de klacht gebruikt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel