Naar hoofdinhoud
1.. Op een geldlening dient te worden afgelost, een en ander conform de plicht tot aflossing die het college daartoe aan de belanghebbende oplegt. 2.. De belanghebbende kan zelf een betalingsregeling voorstellen. Hiermee stemt het college in als daarmee de lening binnen een periode van 36 maanden volledig wordt terugbetaald. 3.. Het college merkt de lening aan als direct opeisbaar wanneer: de belanghebbende zijn aflossingsplicht niet nakomt; de belanghebbende het bedrag van de lening niet besteedt aan het doel waarvoor de lening is toegekend; er sprake is van curatele of onderbewindstelling van het vermogen; er sprake is van surseance van betaling of faillissement; de belanghebbende komt te overlijden.

Rechtspraak bij dit artikel