Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:
vaartuig: een drijvend lichaam dat als gevolg van zijn drijfvermogen wordt gebruikt dan wel geschikt is voor het vervoer te water van personen of goederen of voor het dragen of vervoeren van al dan niet met het drijvende voorwerp een geheel uitmakende voorwerpen;
ligoever: een volgens de ligplaatsenverordening of bestemmingsplan aangewezen locatie;
vingersteiger: een steiger die haaks op de kade of ligoever is gelegen en waaraan vaartuigen kunnen worden afgemeerd;
lengte van een vaartuig: de ruimte die een vaartuig inneemt inclusief toebehoren (boegspriet, davits, volgboot etc.);
zomerseizoen: de periode van 1 april tot en met 31 oktober;
winterseizoen: de periode van 1 november tot en met 31 maart;
maand: kalendermaand;
week: een aaneengesloten tijdvak van 7 dagen;
dag: een dag of een gedeelte daarvan als sprake is van gebruik van een ligplaats of camperstandplaats voor overnachting;
bruine vloot: traditionele zeilschepen of motorschepen bestemd voor de professionele passagiersvaart (chartervaart);
historisch schip: een (on)bewoond vaartuig ouder dan 50 jaar, die in Nederland is gebouwd of beeldbepalend is geweest op de Nederlandse wateren;
Museumhaven: gedeelte van het Grootdiep tussen de kettingbrug en de Zijl;
camper: een (bestel)auto, ingericht voor het vervoeren van één of meer personen en geschikt voor kamperen of buitenverblijf met de mogelijkheid tot overnachten;
camperstandplaats: door het college van B&W aangewezen en gereguleerde overnachtingsplaatsen voor campers.
Artikel 3
Definities
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering Lig- en Staangeld gemeente Noardeast-Fryslân 2025