Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 4

Aanwijzen van doelgroepen

Onderdeel van Verordening Wet inburgering gemeente Steenbergen 2009

Het college biedt aan de navolgende personen een inburgeringsvoorziening aan : de inburgeringsplichtige die houder is van een verblijfsvergunning als bedoeld in artikel 28 of 33 van de vreemdelingenwet; de inburgeringsplichtige die geestelijk bedienaar is. Het college kan, afhankelijk van of aan de gestelde criteria wordt voldaan en er voldoende middelen beschikbaar zijn, een inburgeringsvoorziening aanbieden aan: de inburgeringsplichtige die een uitkering ontvangt op grond van de WWB in combinatie met een traject gericht op arbeidsinschakeling duale trajecten); oudkomers, die geen inkomsten uit tegenwoordige arbeid of een uitkering ontvangen op grond van de WWB, of een andere uitkering, op grond van een van de sociale verzekeringswetten; vrijwillige inburgeraars (inburgeringsbehoeftigen). De criteria die hebben geleid tot de aanwijzing van de onder a tot en met e genoemde doelgroepen zijn: het hebben van een opvoedingstaak; het hebben van een relatief korte afstand tot de arbeidsmarkt; een bepaalde inkomensgrens; het ontvangen van een bepaalde uitkering; bevordering van de emancipatie van vrouwen. Criteria ter bepaling van de rangorde van de groepen c en d zijn: eigen aanmelding; datum aanmelding (wie het eerst komt, wie het eerst maalt); motivatie om in te burgeren. Criteria ter bepaling van de rangorde van groep e zijn: De ten behoeve van de groepen c en d genoemde criteria en er moet sprake zijn van een duurzame vestiging in Nederland van belanghebbende en/of zijn partner, hetgeen blijkt uit: of belanghebbende(n) bij de start van de inburgering al minimaal zes maanden in Nederland woonachtig zijn; of belanghebbende(n) een arbeidsovereenkomst over kunnen leggen van minimaal zes maanden vanaf de start van de inburgering.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel