Het college biedt aan de navolgende personen een inburgeringsvoorziening
aan :
de inburgeringsplichtige die houder is van een
verblijfsvergunning als bedoeld in artikel 28 of 33 van de vreemdelingenwet;
de inburgeringsplichtige die geestelijk bedienaar is. Het
college kan, afhankelijk van of aan de gestelde criteria wordt
voldaan en er voldoende middelen beschikbaar zijn, een
inburgeringsvoorziening aanbieden aan:
de inburgeringsplichtige die een uitkering ontvangt op grond van
de WWB in combinatie met een traject gericht op
arbeidsinschakeling duale trajecten);
oudkomers, die geen inkomsten uit tegenwoordige arbeid of een
uitkering ontvangen op grond van de WWB, of een andere
uitkering, op grond van een van de sociale
verzekeringswetten;
vrijwillige inburgeraars (inburgeringsbehoeftigen).
De criteria die hebben geleid tot de aanwijzing van de onder a tot en
met e genoemde doelgroepen zijn:
het hebben van een opvoedingstaak;
het hebben van een relatief korte afstand tot de
arbeidsmarkt;
een bepaalde inkomensgrens;
het ontvangen van een bepaalde uitkering;
bevordering van de emancipatie van vrouwen.
Criteria ter bepaling van de rangorde van de groepen c en d zijn:
eigen aanmelding;
datum aanmelding (wie het eerst komt, wie het eerst maalt);
motivatie om in te burgeren.
Criteria ter bepaling van de rangorde van groep e zijn:
De ten behoeve van de groepen c en d genoemde criteria en er moet sprake
zijn van een duurzame vestiging in Nederland van belanghebbende en/of
zijn partner, hetgeen blijkt uit:
of belanghebbende(n) bij de start van de inburgering al minimaal
zes maanden in Nederland woonachtig zijn;
of belanghebbende(n) een arbeidsovereenkomst over kunnen leggen
van minimaal zes maanden vanaf de start van de inburgering.
Hoofdstuk
Artikel 4
Aanwijzen van doelgroepen
Onderdeel van Verordening Wet inburgering gemeente Steenbergen 2009