Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 3.2

Uitgangspunt investeringsbeleid

Onderdeel van Nota waarderings- en afschrijvingsbeleid 2025-2028

Vervangingsinvesteringen worden bekostigd uit de vrijval van bestaande kapitaallasten. Omdat: • hiermee geen extra of nieuw beslag wordt gelegd op de algemene middelen. Nieuwe investeringen worden bij voorkeur opgenomen in de kadernota. Omdat: • in de kadernota een integrale afweging plaatsvindt van baten en lasten. Voor een investering waarvan het investeringskrediet met het vaststellen van de begroting is geautoriseerd mogen in het jaar voorafgaand aan het investeringskrediet maximaal 10% voorbereidingskosten gemaakt worden. Omdat: • vaak in het jaar voorafgaand aan het jaar waarvoor het investeringskrediet beschikbaar wordt gesteld al voorbereidingen plaatsvinden en dus kosten gemaakt worden; • het risico dat de investering niet wordt gedaan nihil is.

Rechtspraak bij dit artikel