Naar hoofdinhoud
KDV+ en BSO+ kan alleen uitgevoerd worden bij een kinderopvangorganisatie die: Voldoet aan de in de wet IKK, de Wet kinderopvang en de wet Harmonisatie kinderopvang en peuterspeelzaalwerk gestelde kwaliteitseisen. Ingeschreven staat bij het LRK. Zorgt dat er aandacht is voor ouderbetrokkenheid en dat is vastgelegd in het beleid. Werkt met de meldcode Huiselijk geweld en Kindermishandeling. Daarnaast wordt van de BSO+/ KDV+ het volgende verwacht: De pedagogisch medewerkers op de groep hebben een opleiding op MBO-4 niveau en werken onder verantwoordelijkheid van een HBO geschoolde medewerker met een opleiding SPW of gelijkwaardig. Er wordt zorg gedragen voor intervisie en casuïstiekbespreking. De kinderopvangorganisatie draagt zorg voor deskundigheidsbevordering. Voor kinderen die worden verwezen naar de BSO+ of KDV+ wordt een ondersteuningsplan met doelen opgesteld. Deze doelen worden tenminste twee maanden voor de indicatie afloopt geëvalueerd. Er wordt samengewerkt met andere zorgverleners van het kind, zoals de eventuele behandelaar. De kinderopvangorganisatie heeft maandelijks overleg over de jeugdigen met een behandelaar/ gedragskundige. In geval van het signaleren van een ontoereikende indicatie wordt contact opgenomen met de jeugdconsulent van het Sociaal team De BKR is bij KDV+ maximaal 1 pedagogisch medewerker op 6 kinderen. Bij BSO+ geldt dat 1 pedagogisch medewerker op 4 kinderen beschikbaar is.

Rechtspraak bij dit artikel