Naar hoofdinhoud
De ondersteuning wordt beëindigd binnen 2 jaar na het formeel vaststellen van het plan van aanpak of indien naar het oordeel van het college; de uitvoering van het plan van aanpak en de nazorg met de ouder(s) succesvol is afgerond; de hulpverlening, gelet op de persoonlijke omstandigheden van de ouders, niet (langer) passend is; de ondersteuning door het college niet (langer) noodzakelijk wordt geacht; als de inwoner niet meewerkt aan het opstellen of uitvoeren van het plan van aanpak. Het college beëindigt de ondersteuning als de RBD de ouder afwijst als gedupeerde na de integrale beoordeling door de UHT. Waar nodig en mogelijk worden ouders warm overgedragen aan reguliere hulpverlening. Wanneer er blijvende ondersteuning nodig is na de termijn zoals genoemd in lid 1 vindt er in overleg met de rechthebbende overdracht plaats naar de reguliere gemeentelijke hulpverlening.

Rechtspraak bij dit artikel