1 Op de aanvraag van een vergunning of ontheffing wordt binnen acht weken na ontvangst beslist.2 Indien de beschikking niet binnen acht weken kan worden gegeven, stelt het collegevan burgemeester en wethouders de aanvrager daarvan in kennis en noemt het daarbij een redelijke termijn waarbinnen de beschikking wel tegemoet kan worden gezien.3 Indien een aanvraag niet voldoet aan het bepaalde in artikel 3 stellen burgemeester en wethouders de aanvrager in de gelegenheid deze binnen twee weken, nadat dit is bekendgemaakt, aan te vullen of te verbeteren.4 Van ontvangst van de aanvraag als bedoeld in artikel 3, eerste lid, is pas sprake op het moment dat, met inachtneming van het hiervoor bepaalde, de in artikel 3, tweede lid vereiste situatietekening is overlegd.