Voor het financieren van de kosten voortvloeiend uit de wettelijke gemeentelijke watertaken mogen gemeenten een doelbelasting opleggen, de rioolheffing. Dit is geen verplichting maar een keuze. Onze gemeente dekt de uitvoering van de gemeentelijke watertaken voor 100% met de inkomsten uit de rioolheffing. Inkomsten uit de rioolheffing mogen we niet aanwenden voor andere zaken dan de wettelijke gemeentelijke watertaken.
De rioolheffing is een gemeentelijke belasting. De gemeente legt op basis van de jaarlijks vastgestelde “Verordening op de heffing en invordering van rioolheffing” de rioolheffing op. In deze verordening staat wie belastingplichtig is, hoe we de belasting berekenen en welke tarieven gelden voor de diverse categorieën van belastingplichtigen. De keuzes die we daarbij maken zijn voornamelijk van belastingtechnische aard, vaak in relatie met de overige gemeentelijke belastingen.
In onze gemeente maken we onderscheid tussen woningen en niet-woningen. We belasten de gebruikers en niet de eigenaren van de percelen. Bij woningen hanteren we een tarief voor eenpersoonshuishoudens en een tarief voor meerpersoonshuishoudens. Bij niet-woningen hanteren we een tarief gebaseerd op de WOZ-waarde van het object met als minimum het tarief van een eenpersoonshuishouden. In tabel 3 geeft een overzicht van de rioolheffing in 2024.
Tabel 3: inkomsten uit rioolheffing 2024 met tarieven en tariefgroepen
Inkomsten uit Rioolheffing 2024 (schatting)
Woningen (huishoudens)
Niet-woningen
Totale inkomsten
Eenpersoons
Meerpersoons
Aantal
Tarief
Aantal
Tarief
Totaal (afgerond)
Tarief
Totaal (afgerond)
15.521
€204,36
33.429
€279,72
€12.525.000,-
0,1031% van de WOZ-waarde
€2.050.000,-
€14.575.000,-
Hoofdstuk 6. › Paragraaf 6.4.
Artikel 6.4.1.
Rioolheffing
Onderdeel van Gemeentelijk Watertaken Programma 2025-2028