Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader zijn omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet en de Algemene wet bestuursrecht (Awb). In deze verordening wordt mede verstaan onder:
de Wet: de Participatiewet
het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bunnik;
Bijstandsnorm: de norm bedoeld in artikel 5, sub c, van de Wet
Laag inkomen: een (gezamenlijk) inkomen als bedoeld in artikel 32 van de Wet dat gelijk is aan of minder bedraagt dan 130 procent van de geldende bijstandsnorm op het moment van de eerste aanvraag in een kalenderjaar;
Vrij te laten vermogen: een (gezamenlijk) vermogen dat lager is dan het vrij te laten vermogen als bedoeld in artikel 34 van de Wet op het moment van de eerste aanvraag in een kalenderjaar;. Het vermogen uit de eigen woning wordt hierbij buiten beschouwing gelaten.
inwoner: degene die op de datum dat een aanvraag wordt ingediend, is ingeschreven in de basisregistratie personen (BRP) van de gemeente Bunnik en feitelijk woonachtig is in de gemeente;
huishouden: de inwoner en de aanwezige gezinsleden;
gezinslid: de samenwonende partner met wie een liefdesrelatie wordt onderhouden, de gehuwde partner en/of de tot last komende, inwonende kinderen tot en met zeventien jaar van de inwoner;
vergoeding: een bijdrage uit het Declaratiefonds op basis van te declareren kosten van een activiteit of een voorziening.