Voor de bepaling van de overwerkvergoeding als bedoeld in
artikel 3:2 van de gemeentelijke CAR/UWO-regeling
geldt, dat verrichte werkzaamheden tijdens de glijtijden als
regel niet als overwerk aangemerkt worden. Van overwerk kan
eerst sprake zijn indien de ambtenaar in dienstopdracht
werkzaamheden verricht op tijdstippen gelegen buiten de
bedrijfstijd danwel op een voor hem geldende roostervrije
dag.
Indien en voorzover de ambtenaar werkzaamheden dient te
verrichten op de lokaal vastgestelde extra vrije dagen zoals
vermeld in de gemeentelijke verlofregeling, niet zijnde feest-
of gedenkdagen als bedoeld in artikel 4:2:1 van de gemeentelijke
CAR/UWO-regeling, wordt de gewerkte tijd van de
ingeroosterde ambtenaar naar keuze van de ambtenaar toegevoegd
aan zijn werktijdsaldo danwel aan zijn vakantietegoed. De
ambtenaar dient tijdig vooraf in kennis te zijn gesteld van de
verplichting om op een lokaal vastgestelde extra vrije dag
werkzaamheden te verrichten.