Het voeren van een (actief) grondbeleid vereist een gestructureerde informatievoorziening. Het grondbeleid is daarom een belangrijk onderdeel van de P&C cyclus. De beheersing van en de verantwoording over de (financiële) risico’s speelt een grote rol in deze P&C cyclus. Over het algemeen bestaat de jaarlijkse gemeentelijke P&C cyclus uit: de (meerjarige) kadernota, de begroting en meerjarenraming, de 1e bestuursrapportage, de 2e bestuursrapportage en de jaarstukken.
Op grond van het BBV is de gemeente verplicht om zowel bij de begroting als de jaarrekening een paragraaf grondbeleid op te stellen. De paragraaf grondbeleid in de begroting en jaarstukken heeft als doel om de raad inzicht te bieden en te ondersteunen in haar kaderstellende en controlerende rol. Met name bij de jaarstukken wordt de raad geïnformeerd over de stand van zaken van de projecten. De grondexploitaties worden jaarlijks per 1 januari geactualiseerd conform de BBV-richtlijnen. Daarbij vindt een nieuwe beoordeling plaats van de te verwachten kosten, opbrengsten en de fasering per project. Ook worden alle te hanteren parameters opnieuw beoordeeld. Op basis van alle input worden de grondexploitaties vervolgens geactualiseerd en worden deze grondexploitaties voor de raadsleden vertrouwelijk ter inzage gelegd bij de jaarstukken. In Paragraaf 6 bij de jaarstukken wordt de raad geïnformeerd over deze actualisatie en de (financiële) stand van zaken. Bovendien wordt ieder jaar een raadsinformatieavond gehouden om de raad te informeren over de stand van zaken van de projecten, ook de facilitaire projecten.