Naar hoofdinhoud

Artikel 10

Intrekking ligplaatsvergunning

Onderdeel van Woonschepenverordening 1997

Burgemeester en wethouders kunnen de ligplaatsvergunning intrekken indien: de ligplaatsvergunning ten gevolge van een onjuiste opgave of informatie is verleend; de gegevens in de ligplaatsvergunning niet meer overeenstemmen met de werkelijke situatie; niet wordt voldaan aan de bij of krachtens deze verordening gegeven voorschriften; het woonschip waarop de vergunning betrekking heeft afbreuk doet aan het aanzien van de gemeente; het woonschip waarop de vergunning betrekking heeft niet voldoet aan de eisen van veiligheid, gezondheid en bewoonbaarheid, zoals omschreven in het "Eisenbesluit woonschepen"; het woonschip waarop de vergunning betrekking heeft zonder toestemming van burgemeester en wethouders gedurende een periode langer dan 12 weken aaneengesloten weken buiten de gemeente verblijft; op de ligplaats voorzieningen aanwezig zijn die niet zijn vermeld op de ligplaatsvergunning.

Rechtspraak bij dit artikel