Naar hoofdinhoud

Artikel 9.

Aanvullende weigeringsgronden

Onderdeel van Subsidieregeling Varend Erfgoed

1.. Subsidieverlening wordt geweigerd als: met het treffen van de voorzieningen het belang van het roerend monument niet of in onvoldoende mate wordt gediend; de kosten van de voorzieningen niet in een redelijke verhouding staan tot het te bereiken kwaliteitsniveau en de waarde van het vaartuig; met het treffen van de voorzieningen, waar subsidie voor wordt gevraagd, is begonnen voordat voor de betreffende werkzaamheden een voorlopige toekenning door het college is afgegeven en op de aanvraag nog niet beslist is; de kosten van de voorzieningen, waarvoor subsidie is aangevraagd en subsidiabel zijn, minder bedragen dan € 750,00 inclusief BTW; van het varende monument waaraan, de voorzieningen worden getroffen, redelijkerwijs kan worden aangenomen dat deze binnen afzienbare termijn bestemd is om permanent buiten de gemeentegrenzen van Urk te worden gebracht; in een periode van 5 jaar voor onderhoud en 15 jaar voor restauratie voorafgaand aan de aanvraag voor dezelfde werkzaamheden / onderdelen aan het monument subsidie is verleend; voor het treffen van de voorzieningen, vergunningen zijn vereist en deze niet zijn verleend; het monument na het treffen van de voorzieningen, in zijn geheel beschouwd, niet zal gaan voldoen aan de eisen die volgens wettelijke voorschriften aan het monument moeten worden gesteld.

Rechtspraak bij dit artikel